Bulletin 030 Neutraal met “Pijn in het hart”

Bulletin 030 uit januari 1978 Neutraal met “Pijn in het hart”.

Het neerschieten van de Whitley V, N1357, KN-H van het No. 77 Squadron RAF door de Fokker G-1A (No. 312?) bij Pernis op 28 maart 1940. (Verliesregister SGLO T0013)
Een bijdrage van L. Zwaaf uit Malden.

In de nacht van 27 op 28 maart 1940 wordt Nederland voor de zoveelste keer overgevlogen door kennelijk buitenlandse vliegtuigen. In toenemende mate wordt de neutraliteit zowel overdag als ’s nachts geschonden. Als voorbeeld de volgende bloemlezing.

De crew van Whitley N1357 maakt zich klaar voor een missie (@SGLO - Archive)

De crew van Whitley N1357 maakt zich klaar voor een missie (@SGLO – Archive)

01-03-1940: Vreemde vliegtuigen boven midden Nederland. Na beschoten te zijn door zware luchtdoelbatterijen en het achtervolgen door Nederlandse jachtvliegtuigen hebben zij het Nederlandse luchtruim weer verlaten.
02-03-1940: 09.15 -10.00 uur Duitse vliegtuigen boven Groningen, Wolderdorp, Appingedam en Slochteren.
02-03-1940: Duits vliegtuig boven de Moerdijk en Beierland.
04-03-1940: Vlak bij de Nederlandse grens wordt een Belgische Hurricane van het eveneens neutrale België door een Duitse Dornier Do 17 neergeschoten. De piloot Henrard komt hierbij om het leven.
04-03-1940: De kustvaarder “Elziena” door Duitse vliegtuigen na mitrailleurvuur en bommen op de Noordzee tot zinken gebracht. De kapitein en de machinist komen om het leven en er zijn 3 overlevende.
12-03-1940: Duitse junkers boven Rottum.
16-03-1940: Vreemde vliegtuigen op grote hoogte boven Naarden. Het luchtafweergeschut heeft hen onder vuur genomen.
21-03-1940: De IJmuidense kotter IJM.203 brengt een Duitse vliegtuigbemanning aan land (3 onderofficieren en 1 officier.) (Verliesregister SGLO T0011P)

Zo ziet men: luchtactiviteit (en) te over!

Zo echter ook in de nacht van 27 op 28 maart 1940… Verschillende luchtwachtposten melden overvliegende vliegtuigen op grote hoogten. Omstreeks 05.10 uur wordt één van de overvliegende toestellen duidelijk gelocaliseerd boven midden Nederland met een vliegrichting van oost naar west. Op het vliegveld Waalhaven – evenals op andere vliegvelden – staan Nederlandse vliegtuigen gereed om, zonodig met geweld, de neutraliteit te handhaven.

De dienstdoende bemanningen hebben eerder in de nacht besloten om toch maar naar bed te gaan. Eén van hen is de Reserve Eerste Luitenant-vlieger P. Noomen van de 3e J.A.V.A. zijn vliegtuig, de Fokker G-1A, waarschijnlijk de 312, staat afgetankt op het veld gereed. Plotseling, om plusminus 05.15 uur wordt er alarm gemaakt en bevel tot starten gegeven. De twee dienstdoende bemanningen, elk bestaande uit Vlieger, Telegrafist en Luchtschutter “schieten” over hun pyjama’s de vliegkleding aan en spoeden zich naar de gereedstaande machines.

Via de boordradio krijgen zij tijdens de start de te vliegen koers en hoogte op en het bevel het vreemde vliegtuig tot dalen te dwingen. Het zal niet meevallen want het is nog duister, howel de zon op het punt staat boven de horizon te verschijnen.

Op dit moment vliegt de Whitley V, N1357, KN-H van No. 77 Squadron ter hoogte van Papendrecht op weg naar zijn basis Driffield in Engeland. Men mag aannemen, dat de kist op de terugweg was van een zg. “Nickling”-operatie (pamflettenvlucht). Immers de RAF was op deze datum nog niet met nachtelijke bombardementen op Duitsland begonnen. De tot dan toe ondernomen dag-operaties, voornamelijk tegen de Duitse scheepvaart en havens in en aan de Duitse Bocht was de Royal Air Force slecht bekomen door uitzonderlijk hoge verliezen. Bomber Command had besloten over te schakelen op nachtoperaties. De pamfletten-raids speelden daar een rol in. Door deze vorm van operaties werd een drieledig doel nagestreeft namelijk:

1: De bemanningen van de vliegtuigen vertrouwd te maken met het vliegen en vooral navigeren bij nacht om, indien nodig, tot nachtelijke bombardementsvluchten te kunnen overgaan.
2: Het aan de Duitse bevolking kenbaar maken, dat zij ook bij nacht niet veilig zouden zijn. Want de pamfletten konden net zo goed bommen zijn.
3: De psychologische oorlogvoering t.w. de burgers in Duitsland door middel van geschrift tot andere gedachten te brengen of te demoraliseren (gelet op het tijdstip in de oorlogvoering zal dit laatste punt wel volkomen gefaald hebben).

Om terug te keren tot het verhaal…
Het moet wel haast toeval geweest zijn, maar de beide G-1’s gelukt het, ondanks de nog heersende duisternis, de Whitley te vinden. Luitenant Noomen en mede-vlieger manouvreren zich achter de Whitley en vuren een al of niet gericht salvo af. De Whitley reageert nauwelijks. Vervolgens vliegen zij vlak voor de Whitley langs. Maar nog geen reaktie. Dan besluit Noomen weer van achteren in te vliegen en vuurt vervolgens een gericht salvo af. Plotseling begint de Whitley in het midden van de romp te branden. Waarschijnlijk zijn de z.g. flares (lichtkogels), welke zich ongeveer in het midden van de romp bevonden, tot ontbranding gekomen. Nu gaat de Whitley in een steile daalvlucht over. Al “slippend” tracht de Engelse vlieger de vlammen buiten het bereik van de cockpit te houden. Vervolgens maakt hij een vrij harde landing in een weiland langs de Vondelingenweg te Pernis (tijd: 05.30 uur)…

Net op tijd verlaten vier bemanningsleden de brandende machine, juist voordat het toestel een bal van vuur wordt als de tanks exploderen. Enkele – vroeg aan het werk zijnde landbouwers – rennen naar de plaats des onheils toe. Ook enkele militairen van een in de nabijheid opgesteld zoeklicht. Daar treffen zij de totaal van streek zijnde bemanning aan. Eén van de bemanningsleden begint Frans te praten omdat hij denkt – zoals hij later zal verklaren – dat hij zich in Frankrijk bevindt. Dan maakt hij duidelijk dat één van de bemanningsleden in paniek op ongeveer 18 meter hoogte het toestel nog heeft verlaten.

Van de Whitley blijft nog weinig over (@SGLO - Archive)

Van de Whitley blijft nog weinig over (@SGLO – Archive)

Na enig zoeken treffen de Nederlandse militairen, op enkele honderden meters van het wrak, het ontzielde lichaam aan van water later zou blijken dat van de Observer, de Sergeant J.E. Miller, een Canadees uit Ontario, die in Engelse dienst was. Uiteraard was zijn parachute niet meer opengegaan. Miller was dus de eerste van vele duizenden RAF-leden, die de komende jaren in ons land zouden omkomen. Eén van de andere inzittenden, een Schot, was getroffen door een miltrailleurkogel van de G-1, maar was slechts licht gewond.

De vier overlevenden werden meegenomen naar het plaatselijk café om wat op verhaal te komen, terwijl een ambulance het stoffelijk overschot van Miller naar het Coolsingel-ziekenhuis vervoerde. Na enige tijd arriveerden de Luitenant Noomen en zijn collega’s bij het café en er ontspon zich een gesprek zonder rancunes tussen de vliegers. Wél was er bedroefdheid over de dood van de Observer.

Het bleek ook dat de bemanning van de Whitley strenge orders had om, indien zij onverhoopt boven neutraal gebied zouden komen en zouden worden aangevallen door neutrale vliegtuigen, zij niet terug mochten schieten. Er is ook door de Whitley niet teruggeschoten, hetgeen dan weer in tegenspraak is met het verhaal van de Captain, die dacht boven Frankrijk te zijn. Trouwens, zo’n navigatiefout lijkt mij onwaarschijnlijk.

Sergeant J.E. Miller werd op vrijdag 5 april met militaire eer begraven in Rotterdam, op de begraafplaats Crooswijk, waar hij thans nog rust.

De overige 4 bemanningsleden werden geïnterneerd. Helaas zijn hun namen mij niet bekend. Het luchtgevecht was van korte duur. Volgens De Telegraaf van 29 maart 1940 was de tijdsduur van de G-1’s tussen start en landing precies 8,5 minuut. De luitenant Noomen zou op de eerste oorlogsdag, ruim een maand later, wederom van zich doen spreken, als hij in de vroege morgen 2 Heinkels 111, welke juist het vliegveld gebombardeerd hebben, weet neer te schieten.

Op 10 mei 1940 worden de geinterneerde bemanningsleden in vrijheid gesteld en mogelijk hebben zij tijdens die turbulente dagen Engeland weten te bereiken. De stemming in Nederland, na dit voorval was vreemd tegenstrijdig, zoals ik mij kan herinneren. In de eerste plaats “trots” omdat het de G-1 dan toch maar was gelukt binnen enkele minuten een grote bommenwerper neer te halen, maar vervolgens kon men een gevoel van teleurstelling, dat het een Engels vliegtuig betrof, niet onderdrukken. Nederland was in zijn hart niet zo erg neutraal!

n.b. redactie:
Dit artikel is ontstaan n.a.v. een vraag van de heer Monasso in Bulletin nr 23 inzake een crash van een Whitley op 28 maart 1940. De heer Zwaaf bleef bij het naspeuren van de gegevens steeds in twijfel over de datum: 27/28 of 28/29-03-1940. Hij gokte op 28/29 maar na veel speurwerk kreeg hij via een archief van een krant zekerheid. Daar – in een krant – stond het juiste tijdstip in.

Leave a Reply

You can use these HTML tags

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>